
Hoewel de tijdwinst in de studie klein was – gemiddeld 1,7 seconde op een gestandaardiseerde veldtest van anderhalve minuut – kan een lagere zit mogelijk meer voordelen bieden. Dit komt doordat de auteurs slechts één vaste verlaging van de stoel onderzochten (namelijk 7,5%) en de sporter geen tijd kreeg om te wennen aan de nieuwe instelling. Bovendien lijkt iedereen, ongeacht de mate van beperking, te kunnen profiteren. De onderzoekers hadden namelijk spelers met een relatief zware beperking (klasse 1.0 en 1.5) of juist met een lichte beperking (klasse 4.0 en 4.5) uitgenodigd, en beide groepen werden sneller.
Wat is bekend?
- Bij de meeste rolstoelsporten is een goede beweeglijkheid op het veld essentieel
- Een objectieve beoordeling van de beste rolstoelinstelling voor parasporters ontbreekt momenteel
Wat is nieuw
- Rolstoelbasketballers bewegen beter over het veld wanneer ze lager gaan zitten
- Extra gewicht of handschoenen hebben echter geen invloed
- Een eenvoudige veldtest kan helpen om de optimale instelling van de rolstoel te vinden
Het onderzoeksproces: Zes veldtesten
21 Nederlandse rolstoelbasketballers (14 mannen, 7 vrouwen) van het hoogste niveau (nationale team, eerste divisie) deden mee aan het onderzoek. Ze waren vanuit een eerdere studie bekend met de veldtest (Figuur). Iedere sporter voerde in de eigen rolstoel zes keer de test op één dag uit. De eerste was de controle test, waarbij de sporter zonder aanpassingen aan de stoel het parcours aflegde. Hierna volgden vijf experimentele testen-in willekeurige volgorde:
- De stoelhoogte werd met 7,5% verhoogd.
- De stoelhoogte werd met 7,5% verlaagd.
- Het totale gewicht van de rolstoel en de atleet werd met 7,5% verhoogd door extra massa centraal tussen de wielen toe te voegen.
- Het extra gewicht werd verspreid op 30 centimeter afstand voor en achter de wielas geplaatst.
- De rolstoelsporter droeg handschoenen met een rubberen coating voor betere grip.
Terwijl het extra gewicht of de handschoenen geen invloed hadden op de tijd waarin de rolstoelbasketballers het parcours aflegden, werden ze wel iets sneller wanneer de stoel lager, maar niet hoger, was gezet. De meest logische verklaring volgens de auteurs is dat een lagere zit ervoor zorgt dat de rolstoel stabieler wordt en dat de sporter zijn armen efficiënter kan inzetten bij het rollen en draaien.
Figuur. De gestandaardiseerde en gevalideerde veldtest.* Deze vindt plaats op het basketbalveld, duurt ruim zes minuten in totaal en bevat 15 specifieke taken (‘activities’) -zoals een 180 graden draai op de plaats en een sprint van 12 meter, al dan niet dribbelend met de bal-, die zo snel mogelijk afgewerkt moeten worden. Pionnen (aangeduid door de stippen) geven de route aan (onderbroken lijn); de 12 meter sprinttest wordt langs de stippellijn afgelegd. De effectieve beweegtijd is ongeveer anderhalve minuut; tussen de taken is rust ingebouwd en de klok loopt alleen wanneer de rolstoel in beweging is. Voor de beoordeling van dit laatste maken de onderzoekers video-opnamen.
De resultaten: Optimale zithoogte
Hoewel in deze studie alleen basketballers getest werden, lijken de resultaten van toepassing op elke rolstoelsport waar snelheid en wendbaarheid van belang zijn. Met een eenvoudige veldtest, zoals die in de huidige studie is gebruikt, of met behulp van sensordata kun je voor iedere individuele rolstoelsporter de optimale zithoogte bepalen. Hierbij hoeft het overigens niet altijd om de hoogste snelheid en wendbaarheid te gaan: bij sommige sporten en voor bepaalde posities in het veld -zoals de center in het rolstoelbasketbal- will de rolstoelsporter juist wat hoger zitten om beter zicht te hebben en de bal te kunnen controleren. Coaches en rolstoelsporters zullen dit met elkaar moeten afstemmen.

Wil je meer weten?
Bronnen
- de Witte AMH, van der Slikke RMA, Berger MAM, Hoozemans MJM, Veeger HEJ, van der Woude LHV. Effects of seat height, wheelchair mass and additional grip on a field-based wheelchair basketball mobility performance test. Technology and Disability 2020; 32 (2): 93-102.